Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

Aswoensdag

Hanneke Hendrix

2018

300

3 uit 5

Zeker Weten Goed

Zeker Weten Goed!

Deze boekverslagen zijn gemaakt door de boekenredactie van Scholieren.com. In deze superverslagen staat alles wat jij moet weten voor je boekbespreking of mondeling literatuur. De quiz kun je gebruiken om je kennis van het boek te testen. Met deze verslagen zit je dus Zeker Weten Goed!
Feitelijke gegevens
1e druk,  11  2018
288 pagina's
Uitgeverij: De Geus
Verslag
Door Cees van der Pol
Toegevoegd op 26 november 2018 
Flaptekst 
Marit is bezig met een laatste ivf-poging, wanneer ze terugkeert naar haar Limburgse geboortedorp. Ze gaat voor haar moeder met alzheimer zorgen, maar ziet op tegen de confrontatie met de kille vrouw die getekend is door een rampzalige gebeurtenis uit de geschiedenis van het dorp.
Eerste zin 
Ik kijk en precies dan worden de hekken opgeduwd en komen ze naar buiten, ze zijn opgelaten, de jongens en Va.
Samenvatting 

Er zijn drie duidelijke verhaallijnen:

Marits terugkeer naar haar moeder in Limburg.
Marit (37 jaar) is geoloog bij een adviesbureau voor gemeenten. Dat is een mooi symbolisch beroep, want als kind was ze altijd al met het graven in de grond bezig en aan het einde van de roman komt ze onder de grond vast te zitten in een kolenmijn.
Ze heeft na de dood van haar vader nauwelijks contact met haar moeder gehad en heeft haar in vijftien jaar nooit bezocht. Nu hebben de buren van haar moeder gemeld dat haar moeder dement wordt en nauwelijks meer alleen kan wonen. Daarom zet ze zich vanuit de Randstad (een kustdorp) in de auto naar haar geboortedorp Sint Nazareth aan de Woestijne. Ze ontmoet meteen buurvrouw Dings en de buurtcoördinator Rudy, die  de laatste tijd naar haar omgekeken hebben. Maar er moet nu echt meer gebeuren.
De CV-ketel werkt niet en ze roept er een monteur(Frits)  bij die het euvel snel verhelpt. Ook krijgt ze hulp (van Paul) bij het laten repareren van het prachtige exemplaar van de jukebox die haar opa ooit in de jaren 50 heeft gekocht. Hij vermaakte er de hele buurt mee. Tot de ramp. Ze gaan meteen gebruik maken van de jukebox om er met zijn allen bij te dansen. Het is de tijd van carnaval, in het Limburgs Vastelaovond. De mensen in de onmiddellijke omgeving kijken er naar uit. 
Marit doet boodschappen in het dorp, o.a. bij het benzinestation en ontmoet over het algemeen wel aardige mensen. Haar moeder is echt vergeetachtig aan het worden, is af en toe tegendraads en daar moet wel extra zorg komen. Ze gaat met haar moeder naar een afspraak met de geriater, die de diagnose Alzheimer stelt. Van de casemanager krijgt ze het advies om een keer op een zorgboerderij te kijken. Gaandeweg krijgt Marit als mantelzorger weer gevoelens voor haar moeder. Die loopt echter steeds weg en dan moet ze weer ergens opgetrommeld worden bij het kerkhof waar haar broers liggen begraven: (ze zijn bij een mijnramp omgekomen)   maar ook bij een puinberg. waar ze een kunstskibaan hebben neergelegd.
Marit barricadeert de keukendeur, zodat ze kan horen of haar moeder onverwacht naar buiten gaat. Rudy past een keer op haar moeder en dan maakt ze een rondje met de auto. Ze hoort van de man bij het benzinestation dat de mensen over haar praten. Marit wordt ook gebeld door haar werkgever. Ze kan zomaar geen verlof opnemen. Ze belt echter niet terug.  Ze kijkt met haar moeder naar oude films op video. De lievelingsfilm van Stans is een film met Paul Newman waarin hij 50 eieren in een uur eet.(Cool Hand Luke).
Dan nadert het jaarlijkse carnaval. Marit (berenpak) Paul, Frits en Rudy nemen moeder Stans mee. Ze vermaakt zich best. Op een bepaald moment is moeder weer weggelopen en is ze op het kerkhof waar een urn in een graf wordt bijgezet. De uitvaartbegeleider moppert dat dit op Vastelaovond moet. Daarna loopt moeder weer weg en dan moet Marit haar gaan zoeken. Ze vindt haar in een afgesloten kolenmijn (die waar Stans'  broers zijn omgekomen). Marit raakt echter onder de grond de weg kwijt  en ze verdwalen. Het ziet er even somber uit. Maar dan is daar ineens Maarten die de twee vrouwen uit de mijn redt. Dat lijkt wel op een ouderwetse deus ex-machina. Bovendien is de relatie tussen moeder en dochter volkomen hersteld. Op Vastelaovond hebben ze 'elkaar weer gevonden.'

 

De herinneringen / dagboek ? van haar moeder
De personale verteller Marit wordt steeds afgewisseld  met vrij korte herinneringen/gedachten/ aantekeningen van ik-vertelster Stans Pennings. Eerst betreffen ze vrij onschuldige herinneringen aan haar vader met wie ze goed kan opschieten en voor wie ze graag een eitje bakt, omdat ze dat zo goed kan. Dan vertelt ze over de manier waarop hij een zaag kan laten zingen. Vervolgens ziet ze hem vaak uit een luik in de keuken komen, wat een vooruitwijzing is naar het tragische ongeluk in de mijn. Een leuke periode is de tijd dat hij een jukebox uit Amerika heeft laten overkomen en de hele buurt bij hun thuis komt om te dansen. Na de mijnramp mocht de jukebox niet meer gebruikt worden en nam ook het hele dorp afstand. Aan het einde gaan er steeds meer herinneringen van de jonge Stans terug naar het ongeluk in de kolenmijn. Ze hoort van buurtkinderen dat haar vader een bedenkelijke rol heeft gespeeld bij de ramp. Hij is in paniek weggerend en heeft zijn kinderen achtergelaten. Hij heeft niets tegen de andere mannen gezegd en toen was er toch dynamiet gebruikt, waarbij een ontploffing onvermijdelijk was. Ook gaan er herinneringen naar de begrafenis van de jongetjes. 

 

Het kinderloosheidstraject van Marit en Maarten 
Marit zit met haar partner Maarten in een ziekenhuistraject om een kind te kunnen krijgen. Ze zit eerst in een IUI-behandeling en komt daarna in een IVF-traject terecht. Maar tot nu toe hebben de behandelingen geen succes gehad. Ze kent intussen alle dooddoeners van mensen als ze reageren op het feit dat ze nog geen kinderen kan krijgen. Maarten heeft de moeilijke positie van de man in dit traject. Als  een behandeling geen succes heeft, moet hij haar troosten, maar dat valt ook niet altijd even goed. Als hij iets medelijdend zegt, eveneens. Marit heeft net een behandeling ondergaan voordat ze naar Limburg vertrekt en hij wil door haar graag op de hoogte worden gehouden. Maar dat doet ze eigenlijk niet en wanneer ze elkaar dan aan de lijn krijgen, mondt dat meestal uit in een felle ruzie. Wanneer hij aanbiedt om naar Limburg te komen, vindt ze het eerst fijn, maar aan het einde van het telefoongesprek zegt ze dat hij maar beter thuis kan blijven. Dan aan het einde van de roman moet ze hem laten weten dat ze toch weer ongesteld is geworden. Het kind zal er dus voorlopig niet komen. Met enige humor vertelt Marit om welke manier ziekenhuizen omgaan met hun patiënten.

 

Personages

Marit
Marit is 37 jaar en geologe. Ze woont in de Randstad vlak bij de zee. Ze heeft haar moeder al 15 jaar niet meer bezocht, maar gaat nu in februari vlak voor het carnaval naar Limburg, omdat de buren hebben gezegd dat haar moeder dement aan het worden is. Eerst doet Marit erg koel en zakelijk, hoe kan het anders (?) als je 15 jaar geen contact hebt gehad. De band met haar moeder was nooit fijn.Maar als ze min of meer als mantelzorger in haar geboortedorp terug is, gaat ze steeds meer gevoelens voor haar moeder koesteren. Ze leert ook in te zien dat haar moeder een rot jeugd heeft gehad, nadat vijf broers zijn omgekomen bij een mijnramp. Aangezien haar vader een bedenkelijke rol daarbij had, is de sfeer in het gezin slecht geweest. Haar moeder heeft daarvan een tik gekregen. De lezer weet dit eigenlijk eerder dan Marit zelf, omdat de moeder in d e ik-vorm stukjes herinneringen aan de lezer meedeelt. Marit toont aan het einde haar goede karakter. Marit heeft zelf ook problemen. Ze wil graag een kind maar dat is niet gelukt. Met haar partner Maarten zitten ze in een vruchtbaarheidstraject, maar dat verloopt niet gelukkig. Dat betekent nogal wat ruzie bij het stel. Omdat ze haar moeder verzorgt, krijgt ze meer en meer gevoel voor haar. Ze let goed op dat ze niet wegloopt en als dat toch gebeurt, gaat ze haar weer opsporen. Ze viert Carnaval met wat dorpsgenoten en haar moeder. Die loopt op de laatste avond weg. Marit gaat haar zoeken en vindt haar in de mijn van de ramp. Het is Aswoensdag en dat betekent elkaar in verdriet weer zien te vinden. Dat gebeurt, want Marit let in de ondergrondse mijn heel goed voor haar moeder totdat er hulp komt. Dat is in de persoon van Maarten. Die slaat meteen twee vliegen in één klap.

Rudy, Frits en Paul
Deze drie mannen zijn karakteristieken van het Limburgse dorp waar Marit is geboren. Ze zijn er blijven hangen. Ze zijn vriendelijk en behulpzaam voor Marit. maar als personage maken ze geen ontwikkeling door.

Stans
Moeder Stans vertelt in de ik-vorm haar herinneringen van vooral haar kindertijd. Als je leest hoe haar broers door een fout van vader om het leven zijn gekomen, kun je begrijpen hoeveel impact dat heeft gehad op het leven van Marit. Je begint dan wel sympathie voor haar te krijgen en je vindt het bijna onmenselijk dat Marit haar 15 jaar lang niet heeft opgezocht. Ze blijft zich ook de carnavalsliedjes herinneren. Bij dementie verdwijnt het korte termijn-geheugen, maar je kunt vaak heel goed vertellen wat er heel vroeger is gebeurd. Ook liedjes blijven goed in het geheugen aanwezig. Ze wil daarom altijd graag nummer 12 van de jukebox horen, een lied van Baby Washington. Bij het kijken naar oude video's kiest ze voor de film Cool Hand Luke.

  • "De laatste keer dat Marit haar moeder had gezien was vijftien jaar geleden geweest. Kort na de begrafenis van haar vader. Ze hadden tegenover elkaar gezeten, vieze koffie gedronken in de restauratie van een waren huis, en nu zat Marit in haar auto en reed ze terug naar Limburg."
  Quotes
Thematiek

Liefde (algemeen)
Ik heb 'Liefde' als overkoepelend thema gekozen voor deze roman, want uiteindelijk draait het in het boek, maar ook in het echte leven altijd om de liefde van de ene mens voor de andere. De liefde voor je ouders, de liefde voor je kind, de liefde voor je partner. Ze komen alle aan bod in deze roman. Marit en Maarten hebben een liefdescrisis als ze het kinderloosheidstraject doorlopen. Ze krijgen vaak ruzie, zelfs aan de telefoon en het lijkt fout te gaan, maar op de dag van de loutering (Aswoensdag) redt hij haar uit de mijn waar ze met haar moeder zit opgesloten. Vijftien jaar geleden had Marit haar moeder voor het laatst bezocht, maar ze wordt door de buren van moeder ingeseind dat haar moeder dementeert. Ze gaat terug naar Limburg om daar een paar weken mantelzorger te zijn. In die weken komt ze nader tot haar moeder. In de slothoofdstukken raakt ze met haar verzeild in de afgesloten mijn en daar 'vindt' ze haar moeder terug. Het is Aswoensdag. In het verleden is de relatie tussen vader Pennings en Stans goed geweest. Hij speelde op zijn zingende zaag, er was een jukebox in huis met veel plezier en ze bakte graag een eitje voor haar vader. Dan gebeurt de ramp en hoort ze van schooljongens dat de vader misschien schuld draagt aan de ramp in de mijn. Het huwelijk tussen haar vader en moeder krijgt het zwaar te verduren en lijkt dan ook voorbij. De relatie tussen Stans en de moeder is na het ongeluk ook heel anders.

Motieven

Godsdienst
Over de roman ligt een Rooms-Katholieke saus. Carnaval (vastelaovond) is daar een belangrijke schakel in. (In het Limburgs eigenlijk geen fors zuipfeest, maar meer een feest ter loutering op weg naar Pasen) Aswoensdag is een typische katholieke dag. Ook de schuldgevoelens van vader en dochter kun je terugvoeren naar het katholieke geloof (Mea Culpa, mea maxima Culpa)

Muziek
Muziek speelt op enkele niveaus een rol. De jukebox neemt een centrale trol in het gezin Pennings in. Stans wil altijd nummer 12 horen . Een nummer van Baby Washington. (https://www.youtube.com/watch?v=nq6QAURw1Xo) Na de ramp mocht het ding niet meer gebruikt worden. Als Marit in Limburg is, laat ze het prachtige exemplaar repareren. Vlak voor Carnaval beleven ze zo nog een aantal leuke avonden. Moeder Stans wil weer nummer twaalf uit de box horen. Oude tijden herleven. Muziek speelt ook een rol in de carnavalsliedjes. In tegenstelling tot wat men in het Noorden denkt gaan die liedjes niet over seks en bier, maar meer over verdriet, eenzaamheid en elkaar troosten. Er staan daarover enkele teksten (in het Venlose dialect) afgedrukt in de roman. Tenslotte maakt ook de vader van Stans muziek, namelijk met zijn zaag. Na de ramp verbiedt zijn vrouw dat hij dat nog doet.Stans ziet hoe de moeder de zag opruimt.

Liefdesrelatie: problemen/echtscheiding
Doordat Marit en Maarten een traject aangaan om een kind te krijgen, gaat het met de relatie een stuk minder. Ze hebben heel vaak ruzie. Er is verschil van mening over hoe en of ze het kind beiden wel even graag willen hebben. Als ze hem vanuit Limburg opbelt, krijgen ze vaak ruzie aan de telefoon. na het ongeluk in de mijn hebben de vader en moeder van Stans ook problemen in de liefde.

Schuld (gevoel)
Er zijn diverse personages die zich schuldig voelen. Marit voelt zich door de niet vlekkeloze levenswandel schuldig aan het feit dat ze nu niet zwanger kan worden. Stans, de moeder, voelt zich schuldig aan de sfeer van het gezin na de mijnramp.Ze zegt daar ook de bekende Roomse woorden over schuld (Mea Culpa) Uiteindelijk is blijkbaar de vader van Stans schuldig aan de mijnramp en de dood van zijn zoons. Dat wordt hem ook steeds ingewreven door zijn vrouw. De lol in het leven is helemaal verdwenen.

Dood
De vijf broers van Stans zijn bij een mijnramp in 1962 om het leven gekomen. haar vader lijkt daar in zekere zin ook schuldig aan te zijn geweest. Ook de vader van Marit is vijftien jaar geleden om het leven gekomen.

Kindertijd & Kinderleed
Omdat er een ramp in het gezin gebeurt, krijgt Stans te maken met een heel andere sfeer ion het gezin. De relatie tussen haar ouders is kapot, ze sit tussen haar vader en moeder in, er mag geen muziek meer worden gemaakt. Ze voelt zich mede schuldig aan de dood van heer broers. De omgeving vertelt haar de gruwelijke waarheid over de handelingen van haar vader. Het is geen leuke tijd meer en dat heeft Stans verzuurd. Het heeft waarschijnlijk ook invloed op haar eigen relatie met Marit.

Dementie en geheugenverlies
De moeder van Marit lijdt aan Alzheimer en ze kan eigenlijk niet meer alleen blijven wonen. Marit gaat na vijftien jaar naar haar toe. Ze vindt haar moeder terug.

Kinderloosheid
Marit en Maarten willen graag een kind en lopen daar een traject voor af in het ziekenhuis. (IVF- IUI) Tot nu toe is het niet gelukt. in Limburg wacht Marit af of het nu wel gelukt is, maar ze wordt ongesteld en dat betekent dat het weer mislukt is. Hanneke Hendrikx heeft de roman geschreven terwijl ze zelf bezig was aan het traject en de gevoelens van Marit zijn voor een deel haar eigen gevoelens.

Motto 

Er zijn maar liefst drie motto's


Remember when everyone on earth
was preganant except for you
which was a miracle
( The Old Day- Job Dunthorne)

Dit motto verwijst naar de kinderloosheid van Marit en de pogingen om zwanger te worden.

Dit huis begint bij het tussen de voegen van de vloer
geveegde stof en even verder wacht de vaat

Dit huis maakt dat we dingen willen doen
en nergens aan toe komen, dat we alsmaar
verder weg van hier moeten

(Dit huis is een moeder- Dennis Gaens)
Dit motto verwijst naar de vertrouwdheid van de eigen woonomgeving en het vertrek van Marit naar de Randstad.

Hald mich 's vas
En dan luetse mich pas
As ik alles vergaete bi los

(Had mich's vas - Neet oet Lottum)
Dit motto komt uit een carnavalsliedje uit Noord-Limburg. Het verwijst zowel naar Marit als haar moeder Stans die aan Alzheimer lijdt.

 

 

Opdracht 
Geen
Titelverklaring 
Aswoensdag is de dag na carnaval. Het is het begin van de vastenperiode in de RK-kerk. Het carnaval in de zuiverste vorm is geen zuipfeest maar een vorm van loutering en dat slaat in deze roman op de verhouding tussen Marit en haar moeder die vijftien jaar slecht is geweest. Nu haar moeder Alzheimer heeft, komt er weer een toenadering tussen die twee. Op Aswoensdag speelt het laatste hoofdstuk waarin Marit en haar moeder in de mijn zijn verdwaald. Partner Maarten komt hen bevrijden. Dat is dus een mooie, symbolische dag ervoor.
Structuur & perspectief 
Er is een structuur van 17 dagen in de carnavalsperiode(februari) De eerste dag speelt op maandag en de laatste 17e dag is op de (As) woensdag twee weken later. De dagen worden steeds aangegeven.
In die hoofdstukken is Marit, de 37-jarige dochter, de personale verteller in de  o.v.t. We zien als lezer hoe ze tegen de woonomgeving van vroeger, haar moeder, maar ook tegen haar partner Maarten aankijkt. Over het algemeen worden die hoofdstukken wel in chronologische volgorde verteld, maar er zijn ook passages waar in flashbacks de discussies tijdens de kinderwensbehandelingen  van Marit en haar partner Maarten worden beschreven. 
Maar....
er staan in die 17 hoofdstukken steeds stukjes tekst in de ik-vorm. Dat zijn de weergaven van de  gedachten/herinneringen van de moeder die aan Alzheimer lijdt. Zij vertelt in de o.t.t. Zijn het dagboekaantekeningen uit haar jeugd. Haar verhalen gaan vooral over vader en moeder, de muziek die een rol speelde en de grote tragedie van de mijnramp waarbij vijf van haar broertjes omkwamen.  Je weet niet goed of dat de herinneringen zijn van toen of dat de dementerende moeder die herinneringen in het verhaalheden ziet. Er is vaak wel een relatie met het verhaal in het heden dat door Marit wordt verteld. 
Decor 

Het decor van het verhaal is het Noord-Limburgse dorpje Sint Nazareth Aan de Woestijnen. Dat is een gefingeerde naam. Hanna Hendrikx werd zelf in Tegelen geboren en is dus met de streek bekend.  In de buurt is een gesloten kolenmijn en een borstelbaan om te skiën. Marit zelf woont al vijftien jaar in de Randstad en heeft een woning in de buurt van de zee. De naam van de kustplaats wordt niet vermeld.
Er is ook sprake van een symbolische ruimte. De belangrijkste is de (gesloten) mijn waar vijf broers van de moeder zijn omgekomen bij een ontploffing. Ook de puinberg, het kerkhof en de ouderlijke woning zijn belangrijke  decors. 

Wat de tijd betreft wordt er geen jaartal genoemd. Wel weten we dat het februari is en het carnaval (Vastelavond) en Aswoensdag eraan komen. Hanna Hendrikx heeft in een tv-interview aangegeven dat er veel autobiografische elementen in het verhaal zitten. Haar Marit is 37 jaar en Hanneke is geboren in 1980. Het zou dus best kunnen zijn dat die 17 dagen in 2017 spelen.
Een ander belangrijk tijdpunt is de dag van de ontploffing in de kolenmijn. Moeder Stans Pennings weet, hoewel ze dementeert, exact de datum van de ramp: mei 1962. 

Stijl 
Hendrikx heeft een heldere vertelstijl. Geen lastige woorden, een hoog verteltempo en een goed gevoel voor het schrijven van dialogen. (bijv. de discussies met partner Maarten).  Dat is niet zo vreemd, want Hanneke Hendrikx schrijft ook veel voor het theater stukken, waarin dialogen natuurlijk essentieel zijn.
Omdat het carnavalstijd in Noord-Limburg is, komen er ook  kleine stukjes dialoog maar ook teksten van liedjes in het Venlose dialect  voor.
Hanneke Hendrikx heeft daarnaast een onderkoelde vorm van humor. Die gebruikt ze bijvoorbeeld wanneer ze in gesprek gaat met Rudy of de man van het benzinestation. Humoristisch is ook de wijze waarop ze haar ziekenhuistraject beschrijft, want er gaat soms heel wat mis bij het afsprakenbureau. 
 
Slotzin 
Ik ga met mijn vinger onder de jassen. Ik ga met mijn vingers langs de streepjes in de muur. Een jas van Frans, een jas van Gé, een jas van Wim, een jas van Joep, een jas van Jan en als ik mijn ogen dichtdoe en als ik wacht, dat alles warm wordt, dan lijkt het soms net of ze hun armen om me heen hebben.
Bijzonderheden 
Er zijn natuurlijk wel enkele duidelijke links van passages naar elkaar en naar de inhoud.

1.  Het motief van carnaval, Vastelaovond, dat geen zuipfeest is, zoals het wordt uitgelegd in Noord-Nederland, maar een feest van loutering/zuivering, waarbij mensen elkaar kunnen vinden. Marit vindt tijdens het carnaval haar moeder terug, letterlijk en symbolisch in de kolenmijn. De roman eindigt positief op de dag van de reiniging , Aswoensdag. Daarnaast vindt Maarten ook zijn vriendin weer terug. Samen zullen ze het kinderwenstraject afmaken.
2.  Marit is geoloog; ze wilde vroeger altijd in de grond werken, en ze vindt haar moeder terug onder de grond. Haar vriend Maarten werkt bovendien voor een bureau dat onderzoek doet naar bodemverontreiniging. Er is een grote puinberg in het dorp waarop een skibaan is aangelegd.
3.  De muziek en de films die Stans graag hoort (nummer 12 van Baby Washington) en ziet (Cool Hand Luke, de '50' eierenfilm met Paul Newman- Stans bakte als kind ook altijd zelf graag eieren voor haar vader.) 
Beoordeling 

'Aswoensdag'  is een 'sympathieke ', vlot lezende roman over een moeder-dochterverhouding, over een mijnramp in het verleden en over het kinderwenstraject van de vertelster.  Mede door de ruime bladspiegel, de duidelijke structuur is het verhaal voor jonge mensen goed te volgen.
Misschien dat er iets te veel door de schrijfster wordt uitgelegd, wat voor de gemiddelde lezer niet nodig is.  Die mag wel wat te raden hebben. Ook de keuze van de deus ex-machina (onwaarschijnlijke oplossing van een kunstwerk, oorspronkelijk gebruikt in de Griekse tragedie) is minder goed geslaagd.
De roman krijgt daarmee ook wel weer een "good-feel-end"
Er zijn natuurlijk veel moeder-dochtersromans in de Nederlandse literatuur,  waarmee je deze roman kunt combineren voor je literatuurlijst, maar er is ook een link naar dementie en Alzheimer.

Enkele voorbeelden:
(dementie/Alzheimer ) 
Hersenschimmen - J. Bernlef 
Mijn zoon heeft een seksleven en ik lees mijn moeder Roodkapje voor- Renate Dorrestein 
Gestameld liedboek -Erwin Mortier 
Tot ook ik verwaai - Peter Swamborn (dichtbundel) 
Ma- Hugo Borst 

(kinderloosheid)
Twee vrouwen- Harry Mulisch 
De kroongetuige - Maarten 't Hart 
De middagzwemmers - Jocelyn Vreugdenhil (2018) 
 

Recensies
"Maar soms voel ik me als lezer onderschat. Als Hendrix schrijft: ‘Nu ze bij haar moeder was leek alles met elkaar verbonden, liefde, dood hoop.De stijgende lijn naar het einde. Naar het hoogtepunt. Bevallen, sterven.’ Dan denk ik: ja hoor, dat hadden we allang begrepen! Het relaas van Marit wordt doorsneden met schrijnende jeugdherinneringen van haar moeder, waarin haar ‘Va’ een grote rol speelt. Die scènes lijken in het uit elkaar vallende brein van moeder op te duiken. Zo heeft Hendrix het allemaal organisch aaneen gesmeed. Mooi en ontroerend."
Bron: www.ncrvgids.nl
"De met veel wit en ruime bladspiegel opgezette roman tikt de 268 pagina’s aan, maar had veel dikker kunnen zijn. Veel wordt aangeduid en niet beschreven. Het plot had alle kanten op kunnen gaan en het einde is zelfs een regelrechte deus ex machina, die we maar voor lief moeten nemen. Kennelijk gaat het Hendrix in dit boek om iets anders. En dat is belangrijk en interessant genoeg. Als ik een poging mag wagen: ze tracht het dorpse leven van binnenuit te beschrijven, ook al is de teruggekeerde dochter ooit weggeweest. Marit wordt ook meteen herkend op straat, volk loopt het huis in en uit en steeds is er koffie, thermoskannen vol met filterkoffie, opgeschonken met een fluitketel. We voelen ons, met Marit, ondanks alle ellende rond haar moeder en haar persoonlijke worstelingen, thuis in dit milieu, waar mensen zomaar kunnen uitbarsten in liedjes vol troost en verdriet. Dat is een deel van de loutering die ze doormaakt, of de voorwaarde ervan."
Bron: www.ugenda.nl
"Interview met de schrijfster o.a. over haar medische traject om zwanger te worden."
Bron: www.nrc.nl
"TV-interview(november 2018) met de schrijfster over de roman en haar zwangerschapstraject."
Bron: www.vpro.nl

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

3062