Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

ADD: van dromerig kind tot depressieve tiener

ADD: van dromerig kind tot depressieve tiener
Ik kreeg een week voor mijn examens te horen dat ik ADD heb.

Jarenlang heb ik mezelf de schuld gegeven voor problemen die voortkwamen uit een stoornis die buiten mijn controle ligt. Dit leidde tot een absoluut dieptepunt. Pas sinds een week voor de eindexamens weet ik dat ik ADD heb en eindelijk voelde alsof alles op z’n plek terechtkwam. Ik wil niet dat anderen zichzelf de diepte in werken door iets waar zij niks aan kunnen doen. Daarom schrijf ik dit.

Als kind was ik altijd heel dromerig. Ik dook vaak in mijn eigen fantasie en spelen deed ik alleen, in mijn eigen bedachte wereldjes. Alles wat ik deed, was in mijn hoofd een groots avontuur en ik was de dappere held.

Dat was vroeger nog erg schattig. Maar die dromerigheid is nooit weggegaan. Ik ben misschien niet meer de hoofdrolspeler in een epische legende, maar verreweg de meeste tijd besteed ik nog altijd in mijn hoofd, verloren in mijn eigen verhalen. Mijn situatie is dus nooit veranderd, hoe mensen ernaar keken wel. 'Fantasierijk' werd 'onoplettend'. 'Schattig' werd 'verstrooid'. 'Dromerig' werd 'dom'. Zo voelde het voor mij, in ieder geval.

Achteruit

De eerste jaren van de middelbare kon ik prima een beetje leren en nette cijfers halen, maar vanaf de vierde werd dat moeilijker. In de vijfde begon ik diep in de nacht pas aan school en in de zesde werd leren onmogelijk. Alles was interessanter dan school, ik had alleen concentratie voor de dingen die me boeide. Mijn cijfers leden hieronder, maar ik leed zelf het meest.

Ik kon het niet meer. Alles wat ik probeerde, maakte ik niet af en mislukte. Gooi daar wat andere jeugdproblemen bij en je hebt de ingrediënten voor een diepe depressie. Die begon in de vijfde en liep door tot de zesde, maar hij borrelde al veel langer.

Hulp

Mijn gedachtes werden alsmaar donkerder, mijn gezondheid ging achteruit, alles leek om me heen in elkaar te storten en ik gaf mezelf de schuld. Ik vond mezelf lui en nutteloos. Na een nogal slechte dag werd het tijd om hulp te zoeken. Ik legde de situatie uit aan mijn moeder en samen gingen we ervoor zorgen dat ik weer omhoog kon klimmen.

Mijn moeder en ik hadden eindeloze gesprekken over alles wat ons als gezin was overkomen en waar ik persoonlijk mee zat. In therapie kon ik mijn hart luchten en kon ik afstand creëren tussen mijzelf en de ziekte die me elk moment van de dag dwarszat.

Op een gegeven moment had ik het met mijn begeleidster over mijn broer. Hij is na een eigen zware periode gediagnosticeerd met onder andere ADHD. Qua 'dromerigheid' lijken we op elkaar. "Kan het niet dat jij zelf ook wat ADHD-trekjes hebt?", zei mijn begeleidster toen. Daar gingen belletjes rinkelen.

'Het is opeens zo stil'

Het duurde even, maar een week voor mijn eindexamens liet ik me dan eindelijk testen. Ik kreeg de overduidelijke diagnose voor ADD – een aandachtsstoornis en 'subtype' van ADHD. Vanaf dat moment viel alles op z’n plek. Ik voelde me al een stuk beter, want eindelijk was het me duidelijk wat er 'mis' was. Het gaf klank en kleur aan een probleem dat de afgelopen jaren een enorme impact op mijn leven had gehad. En nu kon ik er daadwerkelijk mee aan de slag.

Toen ik mijn medicatie nam voelde ik me voor het eerst oprecht kalm. Mijn hoofd werd stil, ik voelde me gegrond. Eindelijk. Het was alsof er een jarenoude ruis was uitgezet en mijn brein zijn welverdiende rust kreeg. Die week heb ik voor het eerst in twee jaar gefocust kunnen leren.

'Had ik het maar geweten'

Al snel ging mijn hoofd naar hoe fijn het was geweest als ik eerder door dit proces heen was gegaan. Als ik hier eerder iets aan had kunnen doen. Het had een hele donkere periode kunnen voorkomen. Maarja, het is nou eenmaal gebeurd en ik heb er veel van geleerd. Die lessen draag je voor altijd mee en daar ben ik dankbaar voor. Die kunnen mij en de mensen om wie ik geef goed van pas komen.

Gun jezelf een antwoord

Mijn proces is niet meer te veranderen. Ik ben nu op het juiste pad en voel me goed – beter, in ieder geval. Mijn diagnose heeft me laten inzien dat het niet mijn gebreken waren die mijn problemen veroorzaakten, maar dat de oorzaak lag bij een aangeboren stoornis. Mijn diagnose heeft me vrede gegeven en een antwoord op een pijnlijke vraag waar ik altijd mijn eigen gebreken de schuld van heb gegeven.

Ik wil wel graag afsluiten met een advies. In een tijd waarin mentale stoornissen bespreekbaarder zijn dan ooit, is het jammer dat mensen zichzelf ervan weerhouden om op zoek te gaan naar antwoorden. Eerlijk gezegd zit er bij veel mensen wel 'een steekje los' en dat is alleen maar leuk en interessant, als je het mij vraagt. Het siert je.

Voor sommige mensen is dat steekje los echter een grotere belemmering dan bij een ander. Gelukkig zijn er oplossingen voor dit soort zaken. Wees dus niet bang om hulp in te schakelen. Er zijn mensen om je heen die je willen helpen en professionals die weten wat je ermee aankan. Gun jezelf een antwoord, wees lief voor jezelf, laat je testen.