Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

Reacties op de examens, het laatste examennieuws, je voorlopige cijfer berekenen en de antwoorden.



 





Alles over de eindexamens Alles over het CSE

Rekentoets van de baan

Rekentoets van de baan

 

Sommige scholieren kunnen opgelucht ademhalen, want het plan voor een rekentoets voor scholieren gaat niet door.  Dit komt doordat de regeringspartijen D66 en het CDA het niet eens zijn met de plannen van de minister van onderwijs, Arie Slob. Hij wilde rekenen apart laten meetellen op het examen.

Onenigheid

Ook de partijen die niet in de regering zitten zijn tegen de rekentoets. De enige die voorstander zijn, zijn de regeringspartijen VVD en de ChristenUnie. Dit houdt dus in dat er onenigheid is binnen de regering. Tegenstander D66 vindt dat scholieren niet afgerekend moeten worden op een momentopname, maar dat het rekenniveau moet worden opgekrikt door veel te oefenen.

Plan

Minister Slob wilde een rekentoets voor scholieren, die 1 jaar voor het eindexamen gemaakt zou worden. Ook zou de toets worden gemaakt door de school zelf, dus niet alleen door CITO of een andere uitgever. Voor de toets zouden scholieren minimaal een 4 moeten halen om een diploma te kunnen krijgen. 

Wat dan wel?

De reden waarom dit plan er was, is omdat een heleboel mensen vinden dat het rekenniveau op de werkvloer te laag is. Nu de rekentoets niet doorgaat vinden D66 en het CDA nog steeds dat het slechte rekenniveau aangepakt moet worden. Zo willen ze leraren gaan verzoeken om meer aandacht te geven aan rekenen in de onderbouw. Maar een complete nieuwe rekentoets lijkt het dus niet te worden. “Wat we niet willen, is weer een aparte toets voor rekenen die bepaalt of je slaagt of zakt. We zijn vóór goed rekenonderwijs, maar niet op deze manier”, zegt D66 kamerlid, Paul van Meenen.